The future is green



De eventindustrie kan koploper zijn in de transitie naar een duurzame en sociale samenleving. Daarvoor is een crisisaanpak nodig die met name jonge eventprofessionals moeten gaan aanjagen. Zij kunnen zich onderscheiden door vanaf nu alleen nog maar events te organiseren die passen binnen het wereldwijde streven om de opwarming van de aarde te beperken tot 1,5 graad.


Deze drie zinnen zijn de kortst mogelijke samenvatting van de G14-sessie ‘The future is green’ van 20 oktober jl. Tijdens deze sessie gingen G14-leden met twee experts in gesprek over het realiseren van een duurzame toekomst voor de eventbranche. Plaats van handeling: de voormalige watertoren van Delft. Hier wordt sinds eind 2020 gewerkt aan de realisering van Radius, een nieuw centrum voor kunst, ecologie en events. De G14-leden werden rondgeleid door de verschillende tentoonstellings- en eventruimten in het ondergrondse waterbassin, het pomphuis en de toren.



Samen met jubilerend XSAGA

G14 organiseerde deze bijeenkomst samen met eventbureau XSAGA dat 20 jaar bestaat. Om dat te vieren organiseert XSAGA in haar jubileumjaar elke maand op de 20ste van de maand een experience, vaak in samenwerking met een van haar partnerorganisaties. Bob Veerman, G14-lid en projectmanager bij XSAGA, benadrukte bij aanvang de grote urgentie van het thema ‘duurzaamheid’: “Als we onze industrie toekomstbestendig willen maken, moet dit een onderwerp zijn waar we allemaal dagelijks mee bezig zijn.”



Er is een crisisaanpak nodig

Gastspreker Werner Schouten is onder meer presentator van BNR Koplopers en was voorzitter van de Jonge Klimaatbeweging toen deze in 2020 werd uitgeroepen tot nummer 1 van de Trouw Duurzame 100. Zijn bijdrage aan de G14-discussie werd vooral gekenmerkt door een grote sense of urgency. Hij betoogde dat er geen reden is voor optimisme over de toekomst, want de klimaatverandering gaat ons allemaal raken. Maar wat we wél kunnen doen: hier en nu bepalen hoe de toekomst eruit gaat zien. In zijn optiek moeten juist jongere generaties gaan handelen vanuit crisisbesef en er alles aan doen om de klimaataanpak te versnellen. In lijn met het 1,5-graad-scenario moet elk bedrijf een strategie ontwikkelen om jaarlijks hun CO2-uitstoot met 8% te verlagen. Niet via de makkelijke weg van compensatie, maar door échte reductie. “Dat gaat dus niet lukken met de polderaanpak van compromissen sluiten, er is een crisisaanpak nodig. Pas als we iets als een crisis beschouwen, gaan we de grenzen verleggen van wat mogelijk is. Dus niet blijven hangen in ‘het moet haalbaar en betaalbaar’, maar snelheid maken, investeren en experimenteren. Op je bek gaan, opstaan en weer doorgaan.”


Wat is jouw hoogst haalbare verandering?

Sustainability expert Lyke Poortvliet is medeoprichter van Green Events, het kennisplatform voor een duurzame en sociale evenementenindustrie. De kracht van onze industrie, zegt zij, zijn onze bezoekers. Die kun je tijdens events laten zien welke duurzame keuzes er allemaal mogelijk zijn. Haar visie is dat de eventindustrie een belangrijke rol kan innemen in de transitie naar duurzaamheid, door bewust gebruik te maken van deze impact op bezoekers. Met duurzame keuzes zet je een inspirerende standaard neer of laat je op zijn minst zien hoe het óók zou kunnen. “Met name festivals zijn daarin vooruitstrevend. DGTL Festival ging bijvoorbeeld vijf jaar geleden al over op helemaal vegetarisch; de volgende stap is een volledig plant-based menu. Ander voorbeeld: Into the Great Wide Open werkt met de Goede Reis toeslag om de reis van alle bezoekers klimaatneutraal te maken en de voetafdruk van het festival te verkleinen.”

Allemaal mooi, maar welke duurzame keuzes kan de eventorganisator van zakelijke evenementen zelf maken? Lyke Poortvliet adviseert om eerst te kijken naar die facetten van eventorganisatie waar je echt invloed op hebt: wat is het hoogst haalbare wat je kunt veranderen? “Duurzame menukeuzes zijn dan vaak het makkelijkst. Superveel impact en tegelijk een duidelijke boodschap naar je bezoekers. Maar kijk ook altijd naar wat past bij jouw bedrijf. Als ‘vegetarisch’ nog geen optie is, kun je ook eerst gaan voor duurzame energie.” Voor meer ideeën verwijst ze naar de verschillende ‘areas of impact’ op de website van Green Events.


Nieuw duurzaam label: 1,5-graad-event

Extra probleem voor de eventindustrie is dat de term ‘duurzaamheid’ steeds minder betekenis dreigt te krijgen. Dat mensen denken dat het voor duurzame events voldoende is om te kiezen voor een Green Key locatie. Dat is bepaald niet zo, aldus Werner Schouten, en hij zou dan ook het liefste zien dat de eventindustrie in dezen een eigen duurzaam label ontwikkelt. “Bijvoorbeeld het ‘1,5-graad-event’. Waarmee je laat zien: dit event is in lijn met het 1,5-graad-scenario, Science based, geen green washing.”

Voorlopig weet nog niemand hoe zo’n 1,5 meter event eruit zal zien. Schouten en Poortvliet noemen beiden het meten van de impact een noodzakelijke eerste stap naar een dergelijk event. Bijvoorbeeld metingen gericht op grondstoffengebruik en uitstoot, maar ook het meten van de tevredenheid van bezoekers over de duurzaamheid van een event. Door te meten maak je je duurzame keuzes transparant én je weet beter wat werkt en wat niet werkt. Dat is belangrijk, omdat je niet altijd meteen de juiste keuzes zult maken. Ook dat hoort bij de transitie naar een duurzame industrie, dat je ervan uit moet gaan dat je fouten zult maken. “Voortdurend komen er nieuwe producten en materialen op de markt. Dat betekent dat zich altijd weer betere alternatieven aandienen. Bovendien weet je niet altijd wat je niet weet. Allemaal geen probleem, zolang je een open en kritische houding hebt en bereid bent om te leren van de kritiek die je altijd zult krijgen,” aldus de beide experts.


Tips van de duurzaamheidsexperts


Werner Schouten: “Wees principieel als je kiest voor duurzaam. Word je gevraagd voor een event waarvan jij denkt ‘dit is echt niet in overeenstemming met het 1,5-graad-scenario, ga dan met je opdrachtgever in gesprek. Probeer samen het event te verduurzamen óf bedank vriendelijk voor de opdracht.”



Lyke Poortvliet: “Het helpt om leveranciers te vragen naar duurzame mogelijkheden, omdat je er altijd iets mee in gang zet. De eerste keer krijg je misschien te horen ‘nee, kan niet’. Maar als leveranciers van meer kanten dezelfde vraag krijgen, gaan ze er toch mee aan de slag.”


Tekst: Carla van Elst Fotografie: Floris Heuer



105 keer bekeken